Haat-liefde relatie met gewoontes.

Een van mijn all-time-favourite boek is van Oriana Fallaci: een man. Een bepaald stukje heeft mij toen gegrepen en is me altijd bijgebleven. Ik citeer:

De gewoonte is het gemeenste van alle vergiften want zij komt langzaam en stil bij ons binnen, groeit stukje bij beetje, zich voedend met onze onbewustheid, en wanneer wij ontdekken dat wij haar bij ons dragen, heeft iedere vezel van ons zich aangepast, is ieder gebaar bepaald, bestaat er geen medicijn meer dat ons kan genezen.”

Hoe waar is dit. De routines die sluipend en onbewust naar binnen kruipen. We hebben dagelijks honderden routines en die hebben we hard nodig. Stel je voor dat we telkens overal over na moeten denken.

Je merkt pas hoe belangrijk deze routines zijn, als je ze kwijt bent door bijvoorbeeld een CVA (herseninfarct). Mijn lieve partner heeft dit aan den lijve ondervonden, hij moe(s)t overal energie in steken, in het praten, lopen, fietsen. In de beginfase was dat slopend en langzaam zie je bepaalde routines weer terugkomen. Het moment dat hij liep zonder hulpmiddelen én even om zich heen kon kijken met een big smile was een groots moment. Hij kon weer twee dingen tegelijk. Ongelofelijk belangrijk dus.

Dus in zoverre mijn liefdesverhouding met routines.

Mijn haat-verhouding met routines? Ik heb er een paar, ik noem er één. De technologische verslaving aan apparaten en manieren waarop we die middelen gebruiken. Vooral de niets-doen-tijd is de dupe geworden van sociale technologie. We staan er mee op en gaan er mee naar bed. Het is sluipend meer geworden en het behoeft zeker stuk een bewustwording. Hoe veel van mijn tijd besteed ik aan mijn telefoon? Kan ik die swipe-tijd ook gedeeltelijk anders gaan invullen: actiever, socialer en bewuster?

Ook belangrijk: kan mijn online gedrag aanpassen? Blijf niet hangen in dezelfde media-routines online die je ontzettend veel tijd kosten. Stel jezelf vragen en zoek naar antwoorden.

  • Kan ik beter leren zoeken zodat minder tijd kwijt ben.
  • Hoe kan ik mijn informatie handiger opslaan: zodat ik het sneller kan vinden?
  • Welke WhatsApp groepen heb ik echt nodig: ik kan niet alles lezen en bijhouden.
  • Organiseer ik mijn documenten wel handig (in de cloud)?
  • Hoe laat ik me niet storen door berichten als ik werk of studeer?
  • ……

Ik pleit ervoor om elke dag één routine te doorbreken. Eentje maar en voel dan hoe ongemakkelijk het voelt en wat het oplevert. Dat is goed, zo blijf je fris. Mijn eerste routine die ik doorbreek? Al mijn WhatsApp berichten weggooien. Ik voel het in mijn maag.

Duurzaam mediawijs!

Het ontwikkelen van mediawijsheid is een duurzaam proces. 

Wanneer er in organisaties gesproken wordt over professionalisering gaan we er in eerste instantie van uit dat de betrokkenen een eigen keuze kunnen, mogen en willen maken.Dat betekent dat zij vraag gestuurd aan hun eigen professionalisering werken. Vaak zijn deze professionaliseringen vakgericht en volgt men een opleiding of een aanvullende cursus. Men wordt beloond met een diploma en hopelijk met een kundiger professional.

Hoe zit dat eigenlijk bij het professionaliseren naar een mediawijze professional? Dat verloopt helemaal anders. Men heeft vaak geen plan van aanpak, geen tijdlijn met ontwikkeldoelen, geen POP (gelukkig?!). Men ontwikkelt zich vaak ad-hoc en chaotisch. Een keertje een workshop, een keertje bij je collega kijken, een keertje een TED Talk, een keertje een tutorial…… Een beetje van dit en van dat. Dat blijkt niet voldoende te zijn.

Waar stokt het dan? Mediawijsheid leer je toch vanzelf? Aantal hinderpalen:

  1. Het is er even tussendoor gekomen voor iedereen boven de 30 jaar.
  2. Je moet er veel tijd insteken, veel vlieguren maken. Je moet geduld hebben.
  3. Het principe: ‘use it or loose it’ is helemaal op toepassing van bij de mediavaardigheden (dus na een workshop niets doen is geen optie).
  4. Het ontwikkelt zich razend snel en dus moet je leren hoe je kunt bijblijven (levenswijs mediawijs)
  5. Mediawijsheid is ook een kwestie van aanleg en interesse: we moeten op maat werken en niet iedereen hetzelfde willen leren.
  6. We hebben weinig oog voor : wie doet NIET mee. De digitale kloof die al ontstaan is. Lees blog van Christa Nieuweboer. 

Momenteel volg ik een MOOC: ‘help een Knowmad in mijn organisatie‘ (door Joitske Hulsebosch en Sibrenne Wagenaar) maken ze gebruik van de beschrijving van vier types professionals: de Googler, Knowmad, Hobbyist en Follower.

Een Knowmad is uiteraard hetgeen wat iedereen in zijn organisatie omarmt: “Maken zich nieuwe vaardigheden vlot eigen, werken samen, intern en extern, krijgen dingen voor elkaar. Kunnen nieuwe problemen oplossen, goed samenwerken, communiceren en ze zijn creatief, flexibel, naar mogelijkheden kijkend. Ze leren door gebruik te maken van hun netwerk.”schermafbeelding-2017-01-23-om-11-00-32

Als je kijkt naar mijn Mediaprofiel, hoog scorend op alle profielen en vooral op Netwerker  (praten en delen) en Strateeg (samenwerken en onderzoeken) past dit profiel bij een Knowmad. Ik ben gedreven en heb een hoge affiniteit met technologie. Als ik om me heen kijk in organisaties, kom ik weinig Knowmads tegen. Als ik naar de mede-ZZP-ers kijk dan kom ik deze regelmatig tegen. Logisch want ZZP-ers moeten.

De vraag is in de MOOC; “als je een beweging naar meer knowmadisch werken op gang wilt brengen in jouw organisatie, op wie zou jij je dan richten en wat zou je doen?”

Ik zou me op alle professionals richten. Iedereen duurzaam  veranderen.

We willen organisaties waar mensen zich betrokken, gemotiveerd en vitaal voelen en samenwerken aan de duurzame doelstellingen van het bedrijf. Klinkt prachtig.

Hoe bereiken we dat ze dit ook met gebruik van sociale technologie doen? Ik ben hierover eigenlijk erg pragmatisch. Vaak wordt nieuwe technologie ingezet zonder dat de noodzaak erg hoog of praktisch is. Routines van mensen zijn alleen te doorbreken als de urgentie hoog is.

Voorbeeld: de directie wil graag dat mensen meer digitaal gaan samenwerken en wil minder papier in de organisatie. Directie besluit over te stappen naar een sociaal intranet. Men wil ook dat alle goede ideeën die in het bedrijf leven naar boven sijpelen in een sociaal intranet. Aanvullend: men vergadert elke week en de professionals werken in hetzelfde gebouw.

Dan vraag ik me af: de noodzaak om meer digitaal te gaan werken is er dus niet. Helaas gaan mensen dan niet over…..alleen de knowmads die dat toch al deden.  Wanneer zou dit dan wel lukken? Wat zou ik doen? Een aantal mogelijkheden:

  1. Vergaderen naar 1 keer per maand.
  2. Professionals werken 1 dag buiten de organisatie.
  3. De vrije werkplek in de organisatie wordt ingevuld door ZZP-ers die er gratis morgen werken (nieuwe input geeft swung).
  4. Gebruik de Mediaprofielen van mensen om het intranet te stimuleren (niet iedereen is hetzelfde):

De Netwerker krijgt bijvoorbeeld de opdracht om elke maand 2 nieuwe mensen aan zijn/haar netwerk toe te voegen die iets kunnen bijdragen aan de organisatie en deze in het intranet te presenteren. De Verzamelaar krijgt de opdracht om elke maand twee nieuwe inspirerende bronnen aan het intranet toe te voegen. De Strateeg onderwijst elke maand twee collega’s over bv. het sociale intranet of social media. De Producent geeft een inkijkje in de verandering van de organisatie door het maken van een filmpjes over de professionals (voor en na).  De Consument geeft een reactie op de geplaatste materialen in het intranet en gaat zich ontwikkelen naar een van de bovenstaande profielen.

5. Interne mailing wordt afgeschaft. Je gaat of bij elkaar langs of je werkt samen in een              groep in de intranet.

In deze setting wordt men genoodzaakt om digitaler samen te werken en het intranet te gebruiken. Men haalt mensen uit de karrensporen door nieuwe dingen van ze te vragen. Men ontdekt de nieuwe spannende wegen en andere talenten van de professionals.

Ik ga voor iedereen duurzaam mediawijzer. Iedereen mee, al is het een beetje.